Column: De Maffia

18 februari 2012206

De laatste tijd ben ik onder de indruk van een serie afleveringen over de maffia in Sicilië in Italie. Mensen die betrouwbaar moeten zijn, zoals stadsbestuurders en de rechterlijke macht bleken regelmatig in het complot te zitten met de maffia om enorme bedragen te innen die verdiend werden met de drugshandel en witwassen. Er werd soms een sfeer opgeroepen om verbijstert en moedeloos van te worden. Wie is er nog te vertrouwen, wie ontkomt aan de greep van de maffia die je onder druk zet door familieleden te vermoorden. Natuurlijk waren er helden die voor het recht bleven opkomen, met alle gevolgen van dien. Ze werden steeds eenzamer en soms depressiever na alle moordpartijen op geliefden. Met deze beelden voor ogen begon ik te lezen in de kleine profeet Habakuk. In vers 4 staat “De wet wordt ondermijnd, het recht krijgt niet langer zijn loop, de wettelozen verdringen de rechtvaardigen, het recht wordt verdraaid.”. Habakuk voelde zich net zoals de helden, verbijstert en soms moedeloos? Wat ik miste in deze afleveringen was dat God in al dat onrecht een plaats had. Ik lees bij Habakuk:  “Bent u, HEER, niet altijd mijn God, mijn Heilige geweest?....Uw ogen zijn te zuiver om het kwaad te kunnen aanzien, de ellende te kunnen verdragen. Waarom dan verdraagt u deze trouwelozen, zwijgt u, nu de wetteloze verslindt wie rechtvaardiger is dan hij?” Habakuk werd niet op zichzelf teruggeworpen, waar wierp al zijn verbijstering en vragen op de God die hij kende als de God van het verbond. Deze zegt een paar verzen verderop: “maar de rechtvaardige zal leven door het geloof”. Geen leegte vol van verbijstering, maar een rustpunt in God, die ondanks alles toch trouw blijft. Misschien ook iets voor deze tijd?

 

Anne Pals